0  1  2  3 

Wat doet u op zondag? (2)

Friedrich Nietzsche wist het al veel eerder ...Gelukkig kunt u allen thuisblijven aankomende zondag. Mevrouw Beatrix heeft stiekem weer gelogen. Mevrouw kan helemaal niet met God praten, laat staan dat ze Zijn bestaan kan bewijzen. Want wat blijkt, de gratie Gods is “een filosofische aanduiding van de wijze waarop die macht wordt geïnterpreteerd”. Maar het houdt hier niet op want even verder vervolgt dhr./mevr. Bos met “dat het hier enerzijds om een historisch-filosofische veronderstelling gaat die niet bewezen kan worden”


Wat!? Kunnen ze het niet bewijzen? Wat doen we hier “in Gods naam” dan nog? Heel de Nederlandse wetgeving is dus gemaakt door iemand die meent macht te hebben, maar het bewijs voor die claim niet kan leveren. Gelukkig kan ik met artikel 1 van de rechten van de mens wel het tegendeel bewijzen. Artikel 1 van de rechten van de mens luidt ““Alle mensen worden vrij en gelijk in waardigheid en rechten geboren. Zij zijn begiftigd met verstand en geweten en behoren zich jegens elkander in een geest van broederschap te gedragen.”.1 Sinds er bij mijn weten geen veranderingen in deze notie zijn opgetreden, zijn wij nog steeds gelijk in rechten.


Maar hier blijft het niet bij; mevrouw Beatrix heeft een opdracht. Ja mensen, een opdracht tot het onderdrukken van u allen. Ik citeer “anderzijds ook, dat het hier gaat om een beschrijving met een opdracht: de macht moet worden uitgeoefend in het besef dat die verkregen is om met de grootst mogelijke zorgvuldigheid te gebruiken”. Macht uitoefenen, daar gaat het dus om. Maar waarom is het dan zo natuurlijk dat macht moet worden uitgeoefend? Uitgaande van hetgeen gesteld in artikel 1 van de rechten van de mens vindt ik het helemaal niet zo natuurlijk dat men deze macht uitoefend. In ieder geval niet zonder mijn instemming daartoe, alleen die zijn ze waarschijnlijk ‘vergeten’ te vragen.


Ook erg interessant is het dat we een soort van ‘stilzwijgend sociaal contract’ hebben volgens onze overheid.  Hierbij wekt dhr./mevr. Bos de suggestie dat Nederland een democratisch bestuurd land is. Dit is echter de grootste misvatting die men maar kan bedenken. Nederland is een ‘constitutionele monarchie’ waarbij het beleid door de Koning(in) wordt bepaald, door de ministers (dienaren) wordt verwoord en vervolgens door de ‘parlementaire democratie’ wordt gecontroleerd. Controle is niet zoals dhr./mevr. Bos beweert gelijk aan bestuur. Iets als “Parlementaire besluitvorming”, waar dhr./mevr. Bos over spreekt bestaat dan ook niet. Er kan hoogstens gesproken worden over Parlementaire controle.


De rechter beschermt de burger tegen willekeurige machtsuitoefening van Bea en haar kornuiten, zo zegt dhr./mevr. Bos. Mooie boel hoor, zelfaangestelde rechters in een de facto juridisch bestel. Als ik de slogan van de belastingdienst enigszins vervormd hierop plak komt het aardig in de buurt: “Mooier kunnen we het niet maken, wel makkelijker”.


Een systeem dat gebaseerd is op een fictieve machtsbron, die vervolgens door iedereen in realiteit als waarheid en vanzelfsprekendheid wordt aangenomen en geaccepteerd. Het is tijd dat mensen eens wakker worden uit de nachtmerrie die Nederland heet en de realiteit van de werkelijkheid onder ogen gaan zien. Onbewezen feiten en halve waarheden opzij schuiven en weer opnieuw leren te lopen. Mijns inziens is een zeer goed vertrekpunt Descartes conclusie in zijn Principia Philosophiae: “Cogito ergo sum” ofwel “ik denk, dus ik besta” . Als je weet dat je bestaat kan je daar vervolgens je eigen werkelijkheid verkennen in plaats van de droom waar je tot nu toe in geleefd hebt (krijgt wel een beetje een matrix-achtig bijsmaakje: “wilt u de rode of de blauwe pil?”). 


Maar hoe dan uit de droom te ontwaken, of om het een beetje cryptisch te zeggen: hoe kun je de rode pil vinden?


Bij deze presenteer ik u de oplossing voor al uw (overheids)zorgen: De grote Guido wet. Deze wet kunt u uiteraard ook voor uzelf opstellen. Deze wet telt overigens maar 2 artikelen, dat is in ieder geval een stuk makkelijker dan de ontelbaar vele artikelen die Bea’s wet telt. Artikel 1 luidt “Guido heeft niets van doen met wetten van andere entiteiten die zonder zijn instemming dingen over hem menen te kunnen vertellen”. Artikel 2 luidt “voor zover artikel 1 tekort schiet, verklaart Guido naar de wetten van God te willen leven, zoals beschreven in de Bijbel, zij het naar Guido’s eigen interpretatie”. 


Zodoende heeft u niets meer van doen met mensen die wat over u menen te kunnen zeggen en kunt u heerlijk genieten van uw vrije zondag. Heel veel plezier gewenst aankomend lang weekend, u heeft het allen verdiend, dus geniet van al die vrije tijd dat dit u oplevert! 



Bronnen: zie bijgevoegde brieven


*opmerking: het blijft toch lastig voor die mensen alle vragen te lezen en ook daadwerkelijk te beantwoorden. Wellicht moet er nog maar een briefje achteraan.





Guido ******
Postbus 41050
[9701CB] Groningen


Ministerie van Justitie
T.a.v. J.T.K. Bos
Postbus 20301
2500 EH Den Haag 


Groningen, woensdag 6 mei 2009


Betreft: verzoek tot informatie
Kenmerk: VBGG_001
Uw kenmerk: 5599672/09/6
Aantal pagina’s: 2


Bijlagen:


Geachte heer/mevrouw Bos, 


In reactie op uw schrijven van 24 april 2009 wil ik u bedanken voor het beantwoorden van een aantal vragen. Ik moet echter vaststellen dat een aantal van mijn vragen door u niet volledig beantwoord zijn.


Uit uw schrijven maak ik op dat de wetgever uitgaat van één unieke God. De wetgever doet echter geen uitspraken over welke God dit betreft, noch omschrijft de wetgever de kenmerken en eigenschappen van deze ene unieke God. Tevens stelt u dat onze monarch zijn/haar macht ontleent aan deze God. Ik wil u daarom de vraag stellen waaraan de wetgever (of monarch) die macht dan überhaupt kan ontlenen indien de “autoriteit God” noch door de wet omschreven wordt, noch door de wet gekend wordt.


U schrijft: “Aan deze formule ligt de veronderstelling ten grondslag dat er maar één God is; het gebruik van de hoofdletter wijst daar ook op. Inherent daaraan is, dat mensen verschillende beelden van God kunnen hebben. De wetgever doet daar geen uitspraken over”. Ik moet opmerken dat u vervolgens in uw antwoord op vraag 4 spreekt over “dat de vorst zijn of haar macht van God heeft gekregen”. Indien de vorst zijn of haar macht ontleent aan God, dient deze vorst uiteraard kennis te hebben van welke God zij dit gekregen heeft. Gratie veronderstelt immers dat men dat verkrijgt. Zoals eerder genoemd stelt u in uw brief “dat de vorst zijn of haar macht van God heeft gekregen”. Dit verondersteld dat er tot op zekere hoogte contact moet zijn geweest tussen beide partijen. Mijn vraag is daarom ook of dit contact in werkelijkheid bestaat of heeft bestaan? Indien dit het geval mocht zijn kunt u mij hierover nader informeren?


Voorts wil ik u vragen op welke wijze de monarch de macht van God heeft verkregen en op welke wijze deze gave/gratie Gods is gesubstantieerd of geïncarneerd.


Voorts merk ik op dat u mijn vraag “Is het mogelijk een afschrift te ontvangen van deze gratie?” in het geheel niet beantwoordt heeft. Graag zou ik deze vraag dan nog iets nader toespitsen: Graag zou ik een (gewaarmerkt) afschrift, kopie, of andersoortige gegevensdrager van u ontvangen van deze gratie. Indien het niet mogelijk is een (gewaarmerkt) afschrift van deze gratie te verkrijgen, dan zou ik graag inzage in de gratie krijgen (ik verwijs naar de WOB). In laatst genoemd geval zou ik graag een contactadres van u ontvangen, zodat ik een afspraak kan maken voor inzage. 


Tevens heeft u mijn vijfde vraag slechts ten dele beantwoord. Uit uw antwoord kan ik niet direct afleiden of er nu wel of geen sprake is van een (vorm van) sociaal contract. Graag zou ik dit nader gespecificeerd zien. 


Naar aanleiding van uw antwoorden zijn er nog enkele nieuwe vragen bij mij opgekomen welke ik in het resterende deel van dit schrijven graag nader uiteenzet, voorzien van een toelichting:


Indien ik u goed begrepen heb, dan geeft u aan dat de macht in feite verdeeld is in twee delen: enerzijds de koning of koningin en ministers en anderzijds de volksvertegenwoordiging (het parlement). Voor zover mijn kennis strekt is een minister dienaar van de koning of koningin. Geldt dit ook voor de ambtenaren en de leden van de volksvertegenwoordiging?


Indien ik het dus goed begrijp, dan ontleent de koning of koningin met haar ministers de macht aan God, waardoor zij gemachtigd zijn onder andere wetten te implementeren en andere beleidsregels te stellen. Anderzijds is er de controlerende functie van de volksvertegenwoordiging. De volksvertegenwoordiging heeft echter ook het recht van initiatief. Kan de volksvertegenwoordiging hiermee ook voorstellen indienen om tot ‘wetten in formele zin’ te komen? Vindt de controlerende functie van de volksvertegenwoordiging en de mogelijkheid om tot wetsvoorstellen te komen dan ook plaats bij de gratie Gods? Indien dit volgens de wetgever niet het geval mocht zijn wat is daarvoor dan de reden.


Verder wil ik u vragen of de instemming van het parlement (of een van beide kamers) ook nodig is om te komen tot een zogenaamd ‘koninklijk besluit’, ‘algemene maatregel van bestuur’ of ‘ministeriële regeling’. Of kunnen de koning of koningin en ministers dergelijke regels zelfstandig opstellen en implementeren?


Hiermee kom ik tot mijn laatste twee vragen. In welke relatie sta ik tot de volksvertegenwoordiging? Is hierbij wellicht sprake van een (sociaal) contract zoals ik u vroeg in mijn vorige brief? Indien iemand er voor kiest niet te stemmen, is er dan wel sprake van vertegenwoordiging van zijn of haar persoon? Of wordt door het niet stemmen van deze persoon deze persoon niet in het parlement vertegenwoordigd? 


Los van bovenstaande vraag ik mij tevens af hoe deze ´gratie Gods´ rijmt met de notie van scheiding van kerk en staat? 


Ik hoop dat ik het antwoord op dit schrijven zo spoedig mogelijk tegemoet kan zien. En nogmaals dank voor uw moeite.


Hoogachtend, 


Guido ******


Gelieve bij beantwoording van deze brief bovenstaand kenmerk en datum te vermelden

 

 

1 Universele rechten van de mens, geraadpleegd op 13 maart 2009, http://www.unhchr.ch/udhr/lang/dut.htm


De ingescande antwoorden van het ministerie van Justitie
gratiegods_2_1.jpg
gratiegods_2_2.jpg

Door Guido op 28-05-2009 om 16:30 in Opmerkelijk nieuws 2 reactie(s) | 899 keer bekeken

 


Uw commentaar

De RSS-feed van de commentaren op dit topic  

“Bij deze presenteer ik u de oplossing voor al uw (overheids)zorgen: De grote Guido wet. Deze wet kunt u uiteraard ook voor uzelf opstellen. Deze wet telt overigens maar 2 artikelen, dat is in ieder geval een stuk makkelijker dan de ontelbaar vele artikelen die Bea’s wet telt. Artikel 1 luidt “Guido heeft niets van doen met wetten van andere entiteiten die zonder zijn instemming dingen over hem menen te kunnen vertellen”. Artikel 2 luidt “voor zover artikel 1 tekort schiet, verklaart Guido naar de wetten van God te willen leven, zoals beschreven in de Bijbel, zij het naar Guido’s eigen interpretatie”. “

Dat is makkelijker gezegd dan gedaan Guido?

Verder geweldig artikel, écht een grote dikke duim voor al je moeite.

Het rechtsysteem is alles behalve onafhankelijk.

Zowel de rechter wordt door de staat aangesteld en betaald als de aanklager (OvJ) wordt door de staat aangesteld en betaald.

Dus twee staatsdienaren in een staatsrechtbank.


Uw naam/nickname:
Uw e-mailadres: (alleen als u notificaties wilt ontvangen)


Klik op een smiley om deze in je commentaar in te voegen:
grin
LOL
cheese
smile
wink
smirk
rolleyes
confused
surprised
big surprise
tongue laugh
tongue rolleye
tongue wink
raspberry
blank stare
long face
ohh
grrr
gulp
oh oh
downer
red face
sick
shut eye
hmmm
mad
angry
zipper
kiss
shock
cool smile
cool smirk
cool grin
cool hmm
cool mad
cool cheese
vampire
snake
excaim
question

 Laat het me weten als er andere reacties zijn


Geef het woord op dat je hieronder ziet staan: