Feuerbachiaanse Vervreemding: Het Middel Als Doel
Ludwig Feuerbach ontdekte in zijn boek: Het Wezen van het Christendom een vorm van Vervreemding en diens bewegingswetten. De context van deze ontdekking was de discussie over het bestaan van de (christelijke) God. Maar toen ik deze ontdekkingen las zag ik dat deze vervreemding ook in andere vormen kan verschijnen. Ik ga in dit stuk over de Feurbachiaanse Vervreemding en diens bewegingswetten hebben, en niet specifiek over God.
De kern van de Feuerbachiaanse Vervreemding is:
“Het echte doel wordt omgezet in een onpersoonlijke middel, een louter conceptuele en denkbeeldige doel overweldigt de plaats van de echte.” (Ludwig Feuerbach)
Het middel wordt de baas over de reden van zijn ontstaan. Het middel wordt losgetrokken van zijn oorspronkelijke doel, het wordt een macht buiten de mens zelf. Het verbreekt de ketenen van het wereldse verstand, en wordt een heilige doel, buiten de mens.
.
Hoe komt dit?
De mens strijd om zijn middel, en vernietig daarmee zijn oorspronkelijke doel en wens. In het middel zijn alle emotionele verbindingen die de mens had met zijn wens. Het middel wordt de afbeelding van het gevoel die het oorspronkelijke doel oproept. Het middel wordt de afbeelding van de positieve eigenschappen van het oorspronkelijke doel.
Ik zal het onderwerp geld en winst als voorbeeld nemen. Geld heb je nodig om producten te kopen die je wilt gebruiken. Je wilt deze producten gebruiken om te overleven en welzijn te bemachtigen. Geld is in zijn oorsprong gewoon een ruilmiddel.
De mens krijgt voor zijn dagelijks werk niet direct de producten. Hij krijgt Geld voor zijn werk. Hij werkt voor Geld. Geld is dus zijn directe doel. Het Geld wordt de vertegenwoordiger voor de producten en het welzijn. Geld wordt de afbeelding van welzijn. Geld wordt eigenlijk gelijk gesteld aan welzijn. Ze gaan het middel – het surrogaat – aanbidden.
.
Waarom bidden de mensen dan een surrogaat aan, in plaats van de werkelijke verschijning van hun wens? Het middel, de afbeelding is een geestelijke verschijning – het is een droom. En wat is het verschil tussen de werkelijkheid en de droom? In de werkelijkheid ben je begrensd en beperkt, door bijvoorbeeld de natuurkrachten. In je droom kan alles onbegrensd zijn, bestaan er geen limieten. Geld wordt niet alleen het teken van waarde, het wordt het teken van onbegrensde waarde en van onbegrensde welzijn. Het wordt zijn hemel.
Deze wensen die hij voor zichzelf ontkent, geeft hij als eigenschap aan zijn God. Zoals Feuerbach zei: “De mens kent aan zijn God toe, wat hij zichzelf onthoudt.” Het heilige en volmaakte middel wordt zijn hemel. Als hij maar genoeg middelen vergaart en er totaal in gelooft dan slaan de poorten van de hemel open. Dan komt het totale geluk en welzijn over hem heen. Hij ontkent zijn dagelijkse welzijn om de toekomstige en de onbegrensde schim zeker te stellen.
Kijk maar naar een bankier bij Goldman Sachs. Hij verdient tonnen, maar werkt zich 20 uur per dag kapot. Hij krijgt de kick niet uit het gebruik van geld, maar het verdienen. Hij verloochent zichzelf en zijn welzijn voor het middel dat oorspronkelijk bedoeld was om welzijn te verkrijgen. Deze bankiers denken als ze genoeg miljoenen op hun bankrekening wordt gestort dat ze dan de hemel bereiken. Waardoor ze het eeuwige geluk over hun wordt uitgestort. Het Geld is voor hem zijn God. De weg daar naar toe is zijn eeuwige Jihad. Deze streven is niet rationeel. Het maakt niet uit of hij nou 5 miljoen of 500 miljoen euro op zijn bankrekening heeft staan. Hij geeft alles op om geld te verkrijgen, hij zou zelfs zijn welzijn ervoor opofferen. Hij wil de hemel, en verandert zijn wereld in de hel.
.
Hij dwingt zichzelf tot ascetisme. Opoffering van zichzelf is zijn grootste wens. Maar door wat voor mechanisme wordt dit ascetisme en zelfverloochening afgedwongen?
De oorzaak is dat de Feuerbachiaanse Vervreemding zichzelf versterkt. Mensen die zijn geketend door de Vervreemding zitten vooral gevangen in een bepaalde redenatie-mechanisme. Om het heilige middel te verijken, moet de (mede)mens arm worden. Om zich te verheffen moet alles verlaagd worden, moet alles beroofd en uitgeknepen worden.
Kijk maar naar de Geld-Fetisjist. Zie hem alle barmhartigheid en al het sociale de grond in stampen. Achter al het aardige, zit volgens de radicale Fetisjist het naakte eigenbelang. Erger nog, de Geld-Fetisjist draait alles om. Hij – de naakte egoïst – is de ware filantroop!!! Hij is de ware held, hij is degene die pas echt sociaal is. De mensen die barmhartig zijn, die zijn asociaal! Zij zorgen ervoor dat de ontvanger wordt beloond voor zijn zieligheid. De aardige persoon moedigt het gedrag van deze parasiet juist aan. De sociale persoon verhindert bovendien de hemelse wonderen van het heilige kapitalistische systeem, door zijn ketterij.
De Fetisjist wil bij iedereen de beide ogen uitsteken, want: “in het land der blinden is eenoog koning.” Het slachtoffer van de vervreemding, moet alle woningen en paleizen afbreken om zijn kleine schijthuisje groot te laten lijken.
.
Deze aanklachten zijn niet alleen bedoeld om de ander te overtuigen. Integendeel, hij wil zichzelf voor de gek houden. Hij moet zijn daden en ideeën verantwoorden aan zichzelf. Hij moet zijn twijfel verstommen om met zijn vervreemde gedachte een symbiotische verhouding aan te kunnen gaan. Erich Fromm heeft bewezen dat de drang naar symbiose wordt veroorzaakt door het gevoel van onbeduidendheid. Onbeduidend vooral in de zin van eenzaamheid en machteloosheid. De Fetisjist geniet van zijn masochisme, hij verergert deze zelfs, zodat zijn medicijn nog zoeter smaakt. De waarschuwingen voor de toenemende bijwerkingen gaat het ene oor in, en door de andere weer uit.
Hij wil opgaan in een groot geheel. Hij zelf moet niks worden. Het oorspronkelijke doel is hier niet geschikt voor. Het is te echt, te werkelijk. Het oorspronkelijke doel is teveel verbonden aan de wensen van het individu. Om een symbiotische verhouding aan te gaan is er een leugen nodig.
.
Dus de aanbidding van het middel komt voort uit de eigenschappen van het oorspronkelijke doel. De eigenschappen van het doel wordt geprojecteerd op het middel.
Door de Feuerbachiaanse Vervreemding wordt de inhoud abstract – los van de werkelijkheid – het wordt een Geest. Alles moet ervoor wijken, zelfs de oorspronkelijke schepper. Alle vervreemden roepen van de daken: “De wereld is minderwaardig verklaard, we staan daarboven, wij zijn Geest!” (*)
En daardoor is het middel niks anders dan een lege huls. Ze bidden de lege huls aan, maar de achterliggende realiteit ontkennen ze. Het dode symbool vervangt en vernietigd de levende wens.
.
De Feuerbachiaanse Vervreemding is een dialectisch proces: Wat begon als positief slaat uiteindelijk om in het negatieve. De Antithese wordt uitgekotst door de These. Met alle stank van dien. De Feuerbachiaanse Vervreemding steekt overal de kop op. Je ziet deze vervreemding bij Religie, Ideologie, de Natie, de Arbeid en bij Politieke ambten. Dit zijn allemaal middelen, maar deze veranderen bij vele tot een doel op zichzelf.
Het is niet erg om zichzelf een doel te stellen. Zolang het doel maar bestaat voor de (mede)mens, en niet daarboven.
Feuerbachiaanse Vervreemding is een mogelijk gevaar, maar geen natuurwet.
Inspiratiebronnen:
Ludwig Feuerbach: Het Wezen van het Christendom
Erich Fromm: De Angst voor de Vrijheid
(*) Uit: Max Stirner: De Enige en zijn Eigendom
Precies! Wanneer men doordringt tot de essentie van het christelijk geloof (en imo elk ander geloof), komt men op de mens die het goddelijke in zichzelf herbergt en herkent.
Dit goddelijke dient volgens Feuerbach gerespecteerd te worden, het is de natuur van de mens, een gedachte die Nietzsche in zijn Zarathoestra later oppakt en uitwerkt.
Feuerbach laat zien dat theologie van religie een uitwendige zaak maakt; zij tracht gevoelens en gedachten van de innerlijke mens te objektiveren en probeert geloof te doen staan op een “realiteit” buiten de mens. Op deze manier verliest men de kern, de geloofwaardigheid en de kracht van religie, en vervreemdt de mens van zichzelf. De mens verword dan tot een lege huls.